Gazon.

Graszaad

Wij bieden u voor wat betreft graszaad het ganse gamma van DCM aan. Voor elk gazon op elke plaats (zon, schaduw, …) hebben wij het ideale mengsel.

Zelf een grasperk aanleggen? Niet moeilijk hoor, als maar bepaalde zaken gerespecteerd worden, vooral de grondvoorbereidingen die het zaaien voorafgaan zijn van het grootste belang om een goed resultaat te bekomen. Vooral het inwerken van een goede bodemverbeteraar is er belangrijk.

Zaaiperiode:

Ongeacht de te kiezen zaaiperiode is het toch best vooraf eens te zien hoe het zit met weersverwachtingen, ideaal is dat er regen volgt na het zaaien. Zaaien met een droogteperiode in het vooruitzicht is geld en arbeid verloren. Gras zaaien kan vanaf april t.e.m. november. 

Voorjaar:

Men zaait bij vochtig en groeizaam weer vanaf april tot eind mei. Vooral de nachttemperaturen zijn van groot belang voor een goed resultaat (niet te koud). Het voordeel van gras zaaien in deze periode is dat men vlugger resultaat heeft. De nadelen zijn enerzijds dat men slechte kieming kan hebben door koude nachten en vooral door de schrale en vooral droge oostenwinden, anderzijds kan het jonge gras verstikt worden door overmatige onkruidgroei want voor vele éénjarige onkruiden is dit ook de optimale groeiperiode. Daarbij kiemen ze meestal vlugger, ze worden ook groter en verstikken zo de jonge grassprietjes. 

Nazomer:

Dit is de beste periode om een grasperk aan te leggen. Zaaien bij vochtig en groeizaam weer vanaf 15 augustus tot eind oktober. Belangrijk voordeel: minder last van onkruid en door de langere, vochtige en warme nachten kiemt het graszaad snel en gelijkmatig. De meeste éénjarige onkruiden bevriezen bij de eerste nachtvorst.

Soorten grasperken:

Het soort gazon en de keuze van het type graszaad zal afhangen van het gebruik erna. De zaden van alle gazontypes bestaan uit een mengeling van verschillende grassoorten. Hoe fijner het graszaadmengsel hoe duurder de kostprijs.

siergazon:

Deze gazons hebben eerder een decoratieve functie en dienen niet om op te spelen of druk te belopen. Deze gazonmengeling bestaat uit fijne grassoorten (struis- en zwenkgrassen)

speelgazon

Dit gazontype wordt het meest gebruikt omdat men het veelvuldig mag belopen en er mag ook op gespeeld worden. Het is een mengeling van fijne en grovere grassoorten (zwenkgras, struisgras, beemdgras en raaigras)

sportgazon

Dit gazontype verdraagt zeer goed zwaar beloop en intensieve sportactiviteiten zoals voetbal. Hier bestaat de grasmengeling hoofdzakelijk uit grovere grassoorten (raaigras en timotee).

Veel minder gekend is dat er ook grassoorten bestaan die goed gedijen in de schaduw en bestand zijn tegen droogte; er wordt dan vooral bosbeemdgras gebruikt. Ook voor vochtige plaatsen en zware gronden is er een alternatief: hiervoor wordt meestal ruwbeemdgras aangewend.

De materialen:

  • Een spade om de grond om te spitten of indien het om grotere oppervlakten gaat ploegen.
  • De grond goed fijnmalen en de grondverbeteraar+ gazonmeststoffen ondermengen kan met een motorfrees.
  • De grond goed aandrukken gebeurt met een rol.
  • Om de grond effen te leggen en om het graszaad in te werken hebben we een grashark nodig.
  • Om meststoffen te strooien en tevens het zaad op regelmatige afstand te zaaien hebben we tenslotte een meststoffenwagentje nodig.

Werkwijze:

Zoals al eerder gemeld zijn de grondbewerkingen die het zaaien vooraf gaan van groot belang.

Eerst wordt de plaats waar het gazon moet komen vrij gemaakt van eventuele struiken of bomen, stenen en ander niet verteerbaar materiaal en worden zoveel mogelijk boomwortels verwijderd en putten geëffend.

Men gaat nu het perceel een spadensteek diep omspitten, het spitten gebeurt met een voor. Bij het omspitten worden boomwortels, stenen, plastiek, blikjes,... verwijderd. De meststoffen worden nu via het meststoffenwagentje of uit de volle hand op het gespitte veld gestrooid.

Men gebruikt 3 à 4 kg per are. In tegenstelling tot wat men zou denken hebben deze edele grassoorten evenveel voedsel nodig als de meeste groenten. Alleen wilde grassoorten kunnen zonder en die zouden de gekweekte soorten bij voedselarmoede onderdrukken. Het best is de meststoffen een week vóór het zaaien in te werken wil men daarna gras hebben.geen kiemverbranding van het

De grond wordt na de bemesting goed fijn gemaakt door hem te frezen. Zo worden de meststoffen er onder gemengd en de aardkluiten fijn gemalen. Indien er geen frees voorhanden is kan men de grond fijn maken met een cultivator of een mesthaak.

De fijngemalen grond wordt nu met een rol goed aangedrukt en meteen worden de aardkluiten verpulverd. Hoe lichter de grond, hoe zwaarder de rol moet zijn of wel meerdere malen rollen. Het is van groot belang dat de grond van het grasperk goed vast gereden wordt wil men geen grondverzakkingen krijgen bij het latere grasmaaien.

De grond wordt met de grashark geëffend of genivelleerd. Deze handeling dient met de nodige vakkennis uitgevoerd wil men een mooi, vlak en egaal grasperk bekomen. Bij lichtere gronden kan men eventueel nogmaals rollen en effenen wanneer de ondergrond niet vast genoeg is. Met de grashark worden tijdens het effenen stenen en aardkluiten samen geharkt en verwijderd.

Het zaaien zelf komt nu aan de beurt. Men gebruikt ongeveer 3 kg graszaad per are. Het zaad kan men zaaien uit de volle hand (bij windstil weer), wat wel vakmanschap vraagt, eenvoudiger kan met het meststoffenwagentje. Men zaait de helft van het zaad overlangs en de andere helft dwars. Op die manier is het zaad regelmatig verdeeld over het veld.

Na het zaaien wordt met de grashark het graszaad ingewerkt en harkt men het zaad 1,5 cm diep in. Inharken gebeurt ook in beide richtingen om het zaad regelmatig te verdelen. Rollen kan men eventueel het best na de kieming doen wanneer het gras goed ontwikkeld is of na het zaaien bij komende droogte.

TIP:
om de kieming bij droogte te ondersteunen kan men natuurlijk het gezaaide grasperk besproeien tot de zaden gekiemd zijn, ook geperforeerde plastiekfolie op een pas gezaaid grasperk leggen is een goed alternatief, bovendien is het zaad dan ook veilig voor hongerlijdende vogels en ook katten kunnen zo geen putten maken. OPGELET: bij een eerste maaibeurt het jonge gras afrijden op de hoogste maaistand, om het jonge gras de kans te geven mooi te struiken en om het hartje ervan niet te beschadigen, (vele hoge onkruiden krijgen nu al een stevige deuk).

Graszoden

Zelf graszoden leggen

Zaaien is de goedkoopste manier om een gazon aan te leggen. Het nadeel ervan is dat je wekenlang niet op het gazon kunt lopen en dat er samen met het gras veel onkruid opkomt.

Met graszoden gaat het allemaal veel makkelijker én sneller. Binnen een dag heb je een prachtig groen gazon. Men kan in principe het ganse jaar door graszoden leggen, alleen bij vorstweer is het niet mogelijk de graszoden te versnijden op het veld. In het voor- en achterjaar is de temperatuur hoger, waardoor het gras sneller groeit en goed aanslaat.

De kwaliteit van de geleverde zoden bepaalt hoe het gazon eruit gaat zien, zeker na een verloop van tijd. De

levering van de graszoden gebeurt op paletten. De graszoden moeten heel vers zijn. De wortels mogen niet uitgedroogd zijn en vanzelfsprekend mag er geen onkruid aanwezig zijn in de zode. Controleer daarom altijd de kwaliteit van de zoden door de rollen even uit te rollen en te kijken of ze goed doorworteld zijn en vochtig. Na twee dagen begint het gras op de rollen af te sterven en is het niet meer geschikt om een gazon van te maken. Leg de grasrollen niet in de zon en houd ze vochtig met de tuinsproeier.

Het voorbereiden van de grond is heel belangrijk voor een goed resultaat. Maak eerst de grond een beetje los. Zanderige gronden kun je verbeteren door compost door de bovenste laag te mengen. Bij de aanleg van gazon is het soms aan te raden om een grondverbeteraar te gebruiken. Indien nodig kunnen wij die leveren, dit is een mengeling van compost en turf. De hoeveelheid die men moet strooien komt neer op 1 zak van 40 liter per 5 m². Dit is zeker aan te raden bij zware en pas bebouwde perceelen. Hark het oppervlak vervolgens zo egaal mogelijk aan. Door de aarde nu goed aan te drukken, voorkom je dat er later kuilen in het gazon komen. Je kunt dit gewoon met je schoenen of met plankjes aan je schoenen gebonden. Hark de aarde nu nogmaals lichtjes aan en loop niet meer op het oppervlak. Nu kunnen de graszoden uitgerold worden.

Na het uitrollen van de grasmatten kan je best met een zware rol het gazon gaan aanrollen, zodat het goed contact maakt met het gazon. Rol een keer in de lengte en in de breedte van het gazon. De eerste dagen zijn de graszoden nog zeer kwetsbaar, dus is het best om er de eerste dagen niet op te lopen. Om uitdrogen te voorkomen is het aan te raden de graszoden meteen te beregenen. Bij warm en droog weer moet dit herhaald worden. Na ongeveer een week mag men beginnen maaien.

Onderhoud van de zoden

Als de graszoden net gelegd zijn, zal het gazon er perfect uitzien. Om ervoor te zorgen dat het ook zo mooi blijft, is regelmatig onderhoud noodzakelijk. Voor een speelgazon is één keer maaien in de week over het algemeen voldoende, een siergazon best tweemaal per week maaien.

Ook de randjes moeten geknipt worden. Laat het afgemaaide gras niet op het gazon liggen. Verder is het belangrijk dat het gras niet uitdroogt, in droge perioden moet er beregend worden. Om onkruiden zo min mogelijk kans te geven, moet het gras snel groeien. Regelmatige bemesting zorgt hiervoor. Tot eind augustus kan men het gazon bemesten.

In het voorjaar best een samengestelde meststof toedienen. Eventueel de mest verspreiden met een mestkarretje op een droog gazon, vlak voor het gaat regenen. Indien het niet regent is het aan te raden om te beregenen, dit om verbranding van het gras te voorkomen.

Al met al is een gazon het meest arbeidsintensieve onderdeel van de tuin. Maar een fraai gazon kan ook een van de mooiste tuinonderdelen zijn.